Namen van God: Jireh
Een Bijbelse overdenking van ds. Arenda Haasnoot over Jireh: de HEER zal voorzien.
Een van de eerste namen van God die we in de Bijbel tegen komen is; JHWH Jireh (Genesis 22). Letterlijk betekent deze naam: de HEERE zal (voor)zien. We kunnen deze Naam op verschillende manieren begrijpen en uitleggen. Hij ziet èn Hij is de Voorziener
God weet al wat er gaat komen. Hij ziet alles vooruit. Hij kent ons verleden, het heden en de toekomst. We kunnen daarbij veel vragen stellen en ons afvragen wat wij dan nog in te brengen hebben? Dat Hij vooruit ziet, wil niet zeggen dat een mens geen invloed heeft op de loop van de omstandigheden. Hij wil juist dat we ons actief opstellen in het leven met Hem. Denk bijvoorbeeld aan de gelijkenis van de tien ponden in Lukas 19. Degene die aan de slag gaan met wat ze gekregen hebben aan mogelijkheden en talenten krijgen complimenten en een beloning. Degenen die passief omgaan met wat hen gegeven is raken kwijt wat ze hebben. Hij vraagt ons niet om passief het leven op z’n beloop te laten gaan. Nee, Hij vraagt om onze inzet. Hij vraagt een leven dat biddend met Hem omgaat en alle mogelijkheden inzet om vruchtbaar te leven. Daarin kunnen we Hem alles voorleggen en vragen om Zijn voorziening, namelijk dat Hij in elke situatie voor uitkomst zorgt. Dan laat Hij Zich zien als de HEERE die voorziet:
De Voorziener. Hij voorziet in wat nodig is. Deze betekenis geeft Abraham aan de Naam van God op de berg Moria. Abraham heeft zijn leven in dienst van God gesteld. Hij is geroepen om vanuit Ur der Chaldeeën (Mesopotamië) op reis te gaan naar het land dat God hem zou wijzen. Ook kreeg hij de belofte dat God hem een zoon en nageslacht zou geven, expliciet uit zijn huwelijk met Sara. Als Abraham uiteindelijk zijn zoon heeft gekregen vraagt God hem, Izaak, te offeren op de berg Moria. Onderweg vraagt Izaak, die allerlei benodigdheden draagt om te kunnen offeren: waar het lam is voor het brandoffer? Dan zegt Abraham dat God Zichzelf zal voorzien van het lam voor het brandoffer (Genesis 22: 8). Abraham zegt niet: ik zal het regelen. Niet: het komt wel goed. Maar: God zal voorzien. Dat is geen gemakkelijk antwoord, maar een geloofsbelijdenis. En inderdaad, op het beslissende moment voorziet de HEERE. In plaats van Izaak is daar een ram, verstrikt in de doornen. Een voorafschaduwing van later, wanneer Gods eigen Zoon de doornenkroon zal dragen.
Dan noemt Abraham die plaats: JHWH Jireh. Waarom? Omdat God voorzag op een wijze die Abraham niet had kunnen bedenken.
Wij leven niet op de berg Moria, maar wij kennen wel onze eigen bergen: momenten van onzekerheid, van verlies, van vragen zonder direct antwoord. Ook wij kunnen ons afvragen: waar is de voorziening van God? Het getuigenis van de Schrift is niet dat God ons alle moeilijkheden bespaart. Integendeel. Maar wel dat Hij Zichzelf geeft in die moeilijkheden. Uiteindelijk wijst JHWH Jireh verder dan Moria. Het wijst naar Golgotha, waar God niet een ander in onze plaats geeft, maar Zichzelf. Daar wordt de naam ten volle vervuld: de HEER voorziet – in verzoening en in genade. Daarom is deze Naam niet zomaar een Naam of een spreuk over voorspoed, maar een geloofsbelijdenis van Gods trouw. Hij voorziet, soms anders dan wij verwachten, soms later dan wij hopen, maar nooit los van Zijn belofte. Hij voorziet altijd. Hij is De Voorziener!
Leef net als Abraham, vanuit dat vertrouwen. Niet omdat wij alles overzien maar omdat wij weten dat Hij voorziet.
Op de berg van de HEERE zal erin voorzien worden.
