Wie is Jezus Christus?
Jezus staat centraal in het christelijk geloof. Wat vertellen de evangeliën over Hem, en wat bedoelen christenen wanneer zij Hem Gods Zoon en Heer noemen?
Wie over het christelijk geloof leest, komt steeds opnieuw bij Jezus uit. Zijn naam klinkt in gebeden, liederen en in de verkondiging op zondag. Toch kan de vraag wie Hij is heel persoonlijk en nieuw zijn. Jezus leren kennen begint bij het luisteren naar de verhalen over Hem, en bij de vraag wat Zijn woorden met ons doen.
Jezus in de evangeliën
Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes vertellen over Jezus vanuit een eigen gezichtspunt. We ontmoeten Hem als een Joodse man die leeft te midden van het volk Israël. Hij spreekt over Gods koninkrijk, ontmoet mensen, geneest, vergeeft en roept leerlingen om Hem te volgen. Zijn onderwijs raakt zowel de omgang met God als het leven met de naaste.
Wie wil beginnen met lezen, kan het leesplan bij Marcus gebruiken. Let op de ontmoetingen. Wie komt naar Jezus toe? Wie houdt afstand? Welke verwachtingen hebben mensen van Hem? De verhalen laten zien dat niet iedereen meteen begrijpt wie Hij is.
Wat betekent Christus?
Christus is een titel, geen achternaam. Het betekent gezalfde en correspondeert met het woord Messias. In Marcus 8:27–30 belijdt Petrus dat Jezus de Messias is. Meteen daarna blijkt dat Petrus nog moet leren wat dit inhoudt: Jezus spreekt over de weg van lijden, sterven en opstaan.
Dat verschil tussen verwachting en werkelijkheid is herkenbaar. Ook wij kunnen een beeld van Jezus hebben dat vooral aansluit bij wat we zelf wensen. De evangeliën nodigen uit om ons door Hem te laten aanspreken, ook wanneer Zijn weg ons verrast of tegenspreekt.
Gods Zoon, dichtbij gekomen
Johannes 1 spreekt over het Woord dat mens wordt. Vanuit die woorden belijdt de kerk dat we in Jezus God ontmoeten, die ons menselijke bestaan deelt. Het christelijk geloof spreekt daarom over Jezus als werkelijk God en werkelijk mens. Zijn nabijheid is geen bezoek zonder betrokkenheid: Hij kent kwetsbaarheid, vriendschap en verdriet.
Die belijdenis is groot. Je hoeft haar niet in één keer te kunnen doorgronden om vragen te stellen. Het kan helpen om bij een concrete geschiedenis te blijven en te onderzoeken wat Jezus daar doet en zegt. Zo groeit inzicht vaak in een reeks ontmoetingen met de tekst.
Kruis en opstanding
Paulus vat in 1 Korintiërs 15:3–8 de overgeleverde boodschap samen: Christus is voor de zonden gestorven, begraven, opgewekt en aan getuigen verschenen. Zijn sterven en opstanding horen bij elkaar. Christenen vinden hierin de grond voor vergeving en voor hoop die verder reikt dan de dood.
Daarover nadenken roept ook vragen op. Waarom was het kruis nodig? Wat betekent opstanding? Je kunt die vragen meenemen wanneer je de lijdens- en paasgeschiedenissen leest. Ons artikel over de betekenis van Pasen helpt om verder te gaan.
Van weten naar volgen
Jezus vraagt mensen om Hem te volgen. Dat raakt keuzes in het dagelijks leven: eerlijk spreken, aandacht geven, vergeving zoeken en zorg dragen voor iemand die weinig aanzien heeft. Je kunt vandaag beginnen met één vraag: wat zou het betekenen om in deze situatie naar Zijn woorden te luisteren?
Wil je dit samen onderzoeken, bekijk dan Alpha en andere activiteiten. Daar kun je geloofsvragen bespreken zonder dat je vooraf alle antwoorden hoeft te hebben.
Om over door te praten
Welk beeld van Jezus heb je meegekregen, en waar komt dat vandaan?
Welke ontmoeting in de evangeliën zou je beter willen begrijpen?